Alle teksten zijn gedeclareerd bij de Auteursrechtenorganisatie  Buma-Stemra en mogen niet zonder toestemming van de auteurs gebruikt of gewijzigd worden.

© Jacques Herb - 2010 Alle rechten voorbehouden

HET BROEKJE VAN JANTJE.

ER WAS EENS EEN HAVELOOS VENTJE

DAT VROEG AAN Z’N MOEDER EEN BROEK

MAAR MOEDER VERDIENDE GEEN CENTJES

EN VADER WAS WEKENLANG ZOEK

ACH, MOEDERTJE GEEF ME GEEN STANDJE

ER ZIT IN M’N BROEKIE EEN SCHEUR

DE JONGENS OP SCHOOL ROEPEN: JANTJE

JOUW BILLEN DIE ZIEN WE D’R DEUR

DE MOEDER WERD ZIEK VAN DE ZORGEN

LAG STIL EN BEDRUKT IN EEN HOEK

GEEN MENS DIE HAAR CENTEN WOU BORGEN

EN JANTJE VROEG TOCH OM Z’N BROEK

TOEN HEEFT ZE HAAR ROK UIT GETROKKEN

DE ENIGE DIE ZE BEZAT

EN MAAKTE VAN STUKKEN EN BROKKEN

EEN BROEK VOOR HAAR ENIGSTE SCHAT

NU KONDEN ZE JANTJE NIET PLAGEN

NU WAREN Z’N BILLEN NIET BLOOT

MAAR VOOR HIJ ZIJN BROEKIE KON DRAGEN

GING MOEDER VAN NARIGHEID DOOD

ZE STIERF VAN ’T SJOUWEN EN SLAVEN

VERVLOEKT EN VERWENST DOOR HAAR MAN

TOEN JANTJE HAAR MEE GING BEGRAVEN

TOEN HAD ‘IE ZIJN BROEKIE PAS AAN.

Tekst & Muziek: J.H. Speenhoff